Ik voel me meer een laborant dan kunstenaar, wat ik een beetje versleten woord vind.”
Karel Martens, een van Nederlands belangrijkste grafisch vormgevers, mag dan al 86 jaar zijn, hij is nog altijd actief én vernieuwend. Wie nog nooit van hem gehoord heeft, kent hem waarschijnlijk tóch van zijn innovatieve, ambachtelijke en speelse werk. Hij is al decennialang een stille kracht in grafisch-ontwerpland.
Zijn oeuvre beslaat ruim zestig jaar vrij en toegepast werk dat een mix is van ouderwets ambacht en experimenteerdrang. Bovendien knispert het grotendeels analoge werk van het maakplezier.
Hij heeft de manier waarop we kijken naar vormgeving, boekontwerp en typografie volledig veranderd, en heeft in Nederland en internationaal generaties jongere ontwerpers opgeleid en geïnspireerd.
Bij Martens gaat het om denken, kijken en experimenteren: “Ik houd van prutsen, iets proberen, twijfelen, opnieuw beginnen.” Hij is ook een vindingrijke verkenner, vermijdt verspilling en gebruikt onder meer krantenpapier en oude archiefkaarten, en wijkt vrijelijk af van ontwerpwetten; zo kan tekst al op de cover beginnen of in de marges geplaatst zijn.
Thomas Castro, curator van het Stedelijk Museum en oud-student van Martens, stelde de expositie ‘Unbound’ samen die afgelopen najaar in Amsterdam te zien was. Castro gaat in gesprek met Karel Martens over zijn oeuvre dat hij in 65 jaar heeft opgebouwd – van zijn avontuurlijke belettering op gebouwen, boeken, typografie, postzegels, tot telefoonkaarten en behang.
UITVERKOCHT.